Coffeeshops en het aangescherpte coffeeshopbeleid beheersten in 2012 een deel van het nieuws en zorgden voor beroering in het land. Veel gemeenten maakten zich in 2012 zorgen over het besloten-clubcriterium, dat invoering van de ‘wietpas’ mogelijk moest maken. In het regeerakkoord kwam deze wietpas te vervallen. Dat betekent dat bezoekers geen lid hoeven te worden van een coffeeshop. Wel blijft toegang tot coffeeshops voorbehouden aan ingezetenen van Nederland.
Bij de handhaving van dit ingezetenencriterium kunnen gemeenten rekening houden met lokale omstandigheden. Omdat het kabinet het voorgenomen afstandscriterium tussen coffeeshops en scholen van 350 meter schrapt, hebben gemeenten ook hier ruimte voor lokaal maatwerk. Uit onderzoek blijkt dat een groot aantal gemeenten in 2011 een afstandscriterium van 250 meter ten opzichte van scholen hanteerde.
Duidelijk is dat het kabinet de bestrijding van drugstoerisme en georganiseerde drugsmisdaad doorzet en drugsrunners en illegale handel hard wil aanpakken.
>>TrendsHet percentage Nederlanders dat drugsoverlast ervaart veranderde de laatste jaren nauwelijks, zo meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In de periode tussen 2008 en 2011 ervoer steeds iets minder dan vijf procent van de burgers drugsoverlast. Wel had het grootste deel van de anonieme meldingen bij de anonieme meldlijn M. in 2011 betrekking op drugshandel. Ruim de helft van de 13.350 anonieme meldingen had te maken met drugscriminaliteit. Dat betekent dat drugscriminaliteit onder bellers van de anonieme meldlijn de grootste bron is van ongenoegen en overlast.
Het aantal geregistreerde drugsmisdrijven nam in de periode tussen 2005 en 2011 met veertien procent af, becijferde het CBS. Het sterkst was de afname van het aantal harddrugsmisdrijven met 23 procent. In dezelfde periode daalde het aantal geregistreerde softdrugsmisdrijven met vier procent. Vergeleken met 2010 lag het aantal softdrugsmisdrijven in 2011 op hetzelfde niveau.
De Nationale Drug Monitor 2011 laat zien dat drugscriminaliteit nog altijd veel prioriteit heeft bij de politie. Iets meer dan driekwart van de opsporingsonderzoeken naar ernstige vormen van georganiseerde criminaliteit had in 2010 te maken met drugscriminaliteit. Opsporingsonderzoeken gericht op synthetische drugs en cannabis namen in 2010 toe. De politie verrichte in datzelfde jaar het meest vaak onderzoek naar cocaïne.
Cannabisteelt komt in Europa wijdverbreid voor en lijkt alleen maar toe te nemen. Dat blijkt uit een onderzoek naar de drugsproblematiek in Europa. In Europees opzicht ligt de nadruk op de opsporing van locaties waar intensieve teelt plaatsvindt. Er bestaat een toenemende zorg over binnenlandse productie van marihuana, onder meer vanwege vermeende betrokkenheid van georganiseerde criminele bendes.
In Nederland zijn in 2011 meer wietplantages ontdekt dan het jaar ervoor. De politie, energiebedrijven en gemeenten schatten de stijging op zeven tot tien procent. Opvallend is de stijging van het aantal plantages in tijdelijk verhuurde huizen.
In de wietteelt in Nederland zijn steeds meer criminele Vietnamezen actief. Dat concludeert Bureau Beke na onderzoek van politiedossiers in de periode van 2009 tot medio 2011. Uit enkele van de onderzochte dossiers blijkt dat Vietnamese kwekerijen banden onderhouden met internationale criminele netwerken. Vrouwen spelen een belangrijke rol in de Vietnamese hennepteelt: van de verdachten uit de onderzochte dossiers was zeker veertig procent vrouw. In dit verband is een onderzoek naar de kenmerken van thuiskwekers interessant.
De gemiddelde thuiskweker is een man van veertig jaar. Meestal heeft hij heeft een betaalde baan en een koopwoning. Geldnood is vaak de reden dat hij besluit om hennep te gaan kweken. De benodigdheden en technische inrichting van de kwekerij koopt hij via de growshop. De bevindingen moeten het mogelijk maken nieuwe barrières tegen thuisteelt op te werpen.
Het aantal nieuwe heroïnegebruikers in Europa is gedaald. Het Trimbos Instituut ziet deze trend in Nederland al langere tijd terug in de statistieken van hulpverlening. Het aantal heroïnecliënten in Nederland onder behandeling van verslavingszorg daalde de afgelopen tien jaar van bijna 16.000 naar 11.000.
Onderzoek van het Watercycle Research Institute laat zien dat Nederlandse jongeren steeds vaker amfetamine gebruiken. Het instituut baseert zich op onderzoek naar de mate waarin drugs aanwezig zijn in het rioolwater van Europese steden. De bevindingen van het onderzoek bevestigen de signalen die het Trimbos Instituut krijgt van verslavingsklinieken. Jongeren komen steeds vaker in de problemen door amfetaminegebruik. Wel is het aantal nieuwe gebruikers van speed − na een scherpe daling tussen 2001 en 2005 − gering en dat blijft stabiel.
Meerdere instellingen signaleren een toename van het GHB-gebruik. Zo meldt de Stichting Consument en Veiligheid een forse stijging van het aantal ziekenhuisbehandelingen van GHB-gebruikers. In de periode tussen 2005 en 2010 steeg het aantal behandelingen op een Spoedeisende Hulpafdeling fors van enkele honderden naar meer dan duizend. Ook het Trimbos-Instituut signaleert een sterke stijging van de GHB-hulpvraag bij instellingen voor verslavingszorg. Sinds 2012 heeft GHB daarom een plaats op lijst I van de Opiumwet.
Met een Algemene Maatregel van Bestuur wil het kabinet ook zware cannabis met een THC-gehalte van vijftien procent een plaats geven op deze lijst. Daarmee kwalificeert het kabinet zware cannabis, net als GHB, als harddrug. In de toekomst mogen coffeeshops daarom alleen nog cannabis aanbieden met een THC-gehalte dat lager is dan vijftien procent.
Gemeenten hebben in 2013 te maken met een aangescherpt coffeeshopbeleid. Limburg, Noord-Brabant en Zeeland deden in 2012 al ervaringen op met onderdelen van deze nieuwe aanpak.
Een quickscan van Stichting Epicurus wees uit dat het aangescherpte coffeeshopbeleid leidde tot een toename van straathandel en drugsrunners en dat voldoende politiecapaciteit ontbrak om de handel aan te pakken.
De minister van Veiligheid en Justitie berichtte de Tweede Kamer over de ervaringen met het aangescherpte coffeeshopbeleid in Limburg, Noord-Brabant en Zeeland en over een toename van illegale (straat)handel en bijbehorende overlast. Met name Limburgse gemeenten constateerden in meer of mindere mate een toename van een illegaal circuit in straathandel, drugspanden en wiettaxi’s. In Zeeland en een deel van Noord-Brabant bleef deze problematiek grotendeels achterwege. De problemen waren volgens politie en Openbaar Ministerie in alle gevallen beheersbaar. Ook concludeert de minister dat invoering van het ingezetenencriterium succesvol was. Het aantal (buitenlandse) drugstoeristen en de daarmee gepaard gaande overlast nam sterk af, in Limburg zelfs met tachtig tot negentig procent. Een verschuivingseffect tussen Limburg, Noord-Brabant en Zeeland en naar de rest van het land is niet of nauwelijks waargenomen. Onderzoek van het WODC naar de effecten van het aangescherpte coffeeshopbeleid over de periode 2012-2014 moet meer duidelijkheid verschaffen.
De gemeente Haarlem wil een keurmerk invoeren voor coffeeshops binnen haar gemeentegrenzen. Het keurmerk is opgesteld door de gemeente in samenwerking met cannabisconsumentenorganisaties en het Team Haarlemse Coffeeshopondernemers. Het keurmerk zorgt voor aanvullende maatregelen bij de verkoop van softdrugs. Ook maakt het coffeeshophouders medeverantwoordelijk voor het tegengaan van overlast, het voorkomen van verkoop aan minderjarigen en het beperken van negatieve gezondheidseffecten. Als een coffeeshophouder het keurmerk verliest, verhoogt de gemeente het toezicht en zijn eventuele sancties zwaarder. Om voor het keurmerk in aanmerking te komen, moet een coffeeshop zich laten screenen.
De gemeente West Maas en Waal voerde, in navolging van de gemeente Wijchen, een puntensysteem in voor hennepkwekers. Met dit puntensysteem kan de gemeente overtredingen systematisch inventariseren. Het aantreffen van een hennepplantage leidt altijd tot een eerste punt en wordt automatisch gevolgd door een waarschuwing. Andere punten kent de gemeente toe aan overlast voor de omgeving, de plek van het pand en het aantal planten. Bij meerdere punten is sluiting van het gebouw voor onbepaalde tijd de uiterste sanctie.
Coffeeshophouders in verschillende gemeenten ondernemen zelf actie om de rust rondom hun zaak te bewaren en overlast in de buurt te verminderen. Door beveiligers in te huren, moet de omgeving van de coffeeshop leefbaar blijven en overlast worden teruggedrongen. Een goed praktijkvoorbeeld is te vinden in de Amsterdamse wijk De Baarsjes. Op initiatief van verschillende coffeeshops is elke dag, tussen vier uur ’s middags en half twee ’s nachts, een aantal beveiligers aanwezig in de wijk. In een straal van 250 meter van de coffeeshops spreken deze straatbeveiligers mensen aan op asociaal gedrag en maken soms zelfs de portieken schoon. Volgens bewoners, de politiek, de politie en lokale instellingen heeft het initiatief een positieve invloed op de leefbaarheid en veiligheid in de buurt. Ook in Tilburg huren coffeeshops gezamenlijk beveiligers in. Zij gaan op fietspatrouille om de omgeving leefbaar te houden en overlast terug te dringen. Inmiddels hebben dit soort initiatieven navolging gekregen in onder meer Leeuwarden, waar beveiligers onder de naam ‘buurtgastheren’ werken bij de Stichting Aanpak Overlast Leeuwarden (SAOL). De gemeente nam het initiatief van twee coffeeshops over.
—
Een goed voorbeeld van regionale samenwerking is de Taskforce B5. In deze taskforce werken het ministerie van Veiligheid en Justitie, de burgemeesters van de vijf grotere steden in Brabant, het Openbaar Ministerie, de Nationale Recherche, de Belastingdienst, de Koninklijke Marechaussee en de drie Brabantse politiekorpsen, nauw samen. Doel van de taskforce is om de georganiseerde drugscriminaliteit in Brabant terug te dringen. Invallen op illegale hennepkwekerijen en zogenaamde vrijplaatsen zijn onderdeel van de aanpak.
Vanaf april 2012 is ook een afpakteam actief. Dit specialistische team, samengesteld uit de partners van de Taskforce B5, richt zich uitsluitend op het in beslag nemen van winsten gemaakt via de hennepteelt. Afpakken kan via strafrechtelijke beslagleggingen, fiscale aanslagen en/of bestuurlijke maatregelen. Het team moet jaarlijks drie miljoen euro extra opleveren.
—
>>ToekomstperspectiefInternet zorgt voor minder beperkingen in tijd en plaats, waardoor nieuwe trends in drugsgebruik geografische grenzen snel kunnen overstijgen. Wat vandaag speelt in bijvoorbeeld Frankrijk, kan morgen ook in Nederland gemeengoed zijn. Illegale apotheken op het internet begeven zich steeds vaker op sociale netwerken om drugs en medicijnen aan jongeren te slijten. Dat heeft het International Narcotics Control Board (INCB), het drugscontroleorgaan van de Verenigde Naties, bekendgemaakt in haar jaarverslag over 2011. Ook het rapport van de EMCDDA benadrukt de toenemende rol van internet. De stijging van het aantal synthetische drugs is volgens de EMCDDA te verklaren door een toenemend aanbod van deze stoffen op internet. Het aantal webshops dat zich bezighoudt met de verkoop van psychoactieve drugs verdubbelde tussen januari 2012 en januari 2011 ruim; van iets meer dan driehonderd naar een kleine zevenhonderd. Wat betekent deze internationale ontwikkeling voor Nederland?
Het overgrote deel van het deskundigenpanel weet niet of illegale apotheken ook in Nederland actief zijn via sites voor sociale netwerken. Zeven van de vijftig deskundigen denken dat deze ontwikkeling niet speelt in Nederland en slechts drie experts signaleren deze beweging wel.
“Ik signaleer niet dat illegale apotheken op het internet zich steeds vaker begeven op sites voor sociale netwerken, maar het klinkt plausibel dat dit ook in Nederland speelt. Iedere ondernemer zoekt via social media afzetkanalen, dus ook deze.’’ – Wouter Stol, NHL Hogeschool/Politieacademie/Open Universiteit